Waarom de voldoende vrije wil van Rob Wiche onvoldoende is

In zijn ‘De redding van de vrije wil’ (2024) neemt Wiche een dubbele houding tegenover het oude probleem van de vrije wil aan. In de rechtszaal heeft de rechter genoeg aan een soort compatibilistische vrije wil, terwijl buiten de rechtszaal zijn voorkeur uit gaat naar libertaristische theorieën die ons een robuste vrije wil geven die alternatieve mogelijkheden verzekert. Omdat Wiche ook niet weet hoe hij die robuste libertaristische vrije wil moeten bewijzen – al zeker niet mocht causaal determinisme niet uitgesloten zijn – richt ik me even op die voldoende vrije wil waar het recht genoegen mee kan nemen. Is die voldoende vrije wil er niet, dan kan men niet langer van morele of strafrechtelijke verantwoordelijkheid spreken.

Wiche definieert die voldoende vrije wil als volgt: je hebt een voldoende vrije wil als en alleen als je handeling willens en wetens verricht (p.126). Die definitie biedt enkele voordelen. Zo is ze verenigbaar met causaal determinisme en empirisch moeilijk te verwerpen. Er zijn immers momenten waarop we willens en wetens bepaalde handelingen verrichten. Ik weet dat ik een tekst schrijf en ik wil dat ook. Weten en willen zijn niet-controversiële psychologische toestanden of vermogens. Vraag is alleen of die voldoende vrije wil inderdaad voldoende is voor morele verantwoordelijkheid.

Om te beginnen is die voldoende vrije wil te veeleisend. Er zijn situatie waarin ik niet wetens en willens handel, maar toch verantwoordelijk wordt geacht voor mijn handelingen. Rijd ik verstrooid met mijn wagen door het rode licht, dan wilde ik dat (hopelijk) niet en wist ik het ook niet (anders had ik wel gestopt). Ik was immers verstrooid en deed het niet met opzet en met de wetenschap dat ik door het rode licht reed. Voor nogal wat overtredingen en misdrijven is die voldoende vrije wil niet vereist om verantwoordelijk te zijn, schuld te dragen en gestraft te worden in het huidige strafrecht. Je kunt natuurlijk beweren dat ik dat hoorde te weten en dat ik dat moest willen, maar dan wijk je af van de definitie die een feitelijke voorwaarde hanteert en geen normatieve. Je kunt natuurlijk ook beweren dat ik (op andere momenten) in staat was om dit te (niet) willen en in staat was om dit (wel) te weten, maar ook dan wijk je af van de oorspronkelijke definitie die alleen een relatie voorschrijft tussen een handeling die je verricht en de toestand van weten en willen op het ogenblik van de handeling. Ten slotte kun je ook nog beweren dat je op dat eigenste ogenblik van de handeling kon geweten hebben en kon gewild hebben om niet door het rode licht te rijden, maar dan introduceer je een robuste libertaristische vrije wil en geen bescheiden compatibilistische variant.

Daarnaast is die voldoende vrije wil onvoldoende. Wie onder invloed van morele dwang of van een geestesstoornis een misdrijf begaat, doet dit niet zelden wetens en willens. In een psychotische toestand kan een dader perfect weten wat hij doet en het misdrijf willen. Het is zelfs niet uitgesloten dat hij het misdrijf op voorhand heeft gepland. Toch zijn wij geneigd, althans in elk beschaafd rechtssysteem, die dader niet moreel of strafrechtelijke verantwoordelijk te houden. Is de geestesstoornis van die aard dat ze zijn controle over zijn (normale) cognitieve vermogens uitschakelde en hij omwille van de geestesstoornis het misdrijf niet kon vermijden, dan treft hij geen schuld, is hij niet verantwoordelijk, en vinden we behandeling (indien een gevaar voor de samenleving) meer gepast dan een straf.

In een deterministische wereld die Wiche niet uitsluit, heb je trouwens op elk ogenblik die wil en die kennis die je hebt en die kon geen andere wil en geen andere kennis geweest zijn. Uiteraard kun je beweren dat mocht je een andere wil of een andere kennis hebben gehad je die handeling nooit zou verricht hebben of een alternatieve handeling zou uitgevoerd hebben. In een deterministische wereld heb je handelingscontrole, maar heb je nooit wilscontrole. Hoe je van ‘weten en willens’ iets kunt maken dat ons verantwoordelijk maakt zonder wilscontrole blijft voor mij een raadsel. Je kunt altijd hoogstens zeggen dat mocht Jan het gewild hebben of het geweten hebben, dan was hij niet door het rode licht gereden. Alleen jammer: op dat ogenblik had hij in een deterministische wereld deze wil en deze kennis niet. Hij had pech en mensen die pech hebben veroordelen wij niet.

Een gedachte over “Waarom de voldoende vrije wil van Rob Wiche onvoldoende is”

Plaats een reactie